Chromosomen

De term chromosoom is gebaseerd op de sterk kleurbare kernlichaampjes die tijdens de deling van een cel zichtbaar worden (Grieks: chroma = kleur; soma = lichaam).

Bij de mens komen paren van homologe chromosomen voor, waarbij er één van de moeder en de ander van de vader komt. Homologe chromosomen hebben een gelijke opbouw, maar zijn niet identiek.
Een mens heeft 46 chromosomen (23 paar). Er zijn 22 autosome paren en 1 paar geslachtschromosomen. XX is een vrouw en XY is een man. 
De chromosomen zijn opgebouwd uit DNA, de dragers van informatie voor de erfelijke eigenschappen.

Meer informatie
Lees verder voor meer informatie over chromosomenonderzoek.

Afb. Karyogram van een man

Auteurs
dr. Isa Houwink, huisarts, Erfocentrum/VUmc/MUMC 
drs. Jouke Janssen, medisch student

Redactie
drs. Marloes Brouns-van Engelen, Erfocentrum

Contact