Casus: Risicocommunicatie bij prenatale screening

Een 29-jarige vrouw blijkt na de combinatietest een risico van 1 op 100 te hebben op een kind met het downsyndroom. Voordat zij de test had gedaan was haar risico, gebaseerd op haar maternale leeftijd, 1 op 1.000. Hoe legt u dit aan de patiënte uit?

Het kan handig zijn om een risico op meerdere manieren uit te leggen. Gebruik woorden, aantallen, percentages, grafieken en plaatjes. Een combinatie van deze manieren werkt het best, aangezien verschillende mensen soms de ene en soms de andere manier beter begrijpen. Teveel informatie is ook weer niet goed.

Vergelijk de uitslag met andere vrouwen die dezelfde uitslag hebben: ‘Van de 100 vrouwen met deze uitslag, krijgt er gemiddeld 1 een kind met het downsyndroom. Dus 99 vrouwen krijgen een kind zonder downsyndroom.’

Bespreek het relatieve risico in vergelijking met haar leeftijdsrisico: ‘Uw risico is tien keer zo groot geworden.’

Bespreek het relatieve risico in vergelijking met een andere maternale leeftijd: ‘U heeft nu hetzelfde risico als een gezonde 39- tot 40-jarige vrouw. Vrouwen van die leeftijd krijgen meestal tests aangeboden om op geboorteafwijkingen te testen als zij dat wensen.’

Meer informatie
Risicocommunicatie 

Auteurs
dr. Isa Houwink, huisarts, Erfocentrum/VUmc/MUMC
drs. Jouke Janssen, medisch student
 
Redactie
drs. Marloes Brouns-van Engelen, Erfocentrum
dr. Lidewij Henneman, VUmc